Gewoon een must!

Het moet gewoon, het kan niet anders, het kan niet zonder en het kan niet alleen.

Herstelondersteunende zorg in de zorgverlening in een must! Er is veel onderzoek geweest naar de effectiviteit van herstelondersteunende zorg. Iedereen, oké bijna iedereen, is er dan ook van overtuigd dat het moet. Veel mensen denken ook dat ze er al volop mee werken, het toepassen in de praktijk. Best wel raar als je er even over nadenkt. Want laten we eerlijk zijn, wie kan nou precies omschrijven wat herstelondersteunende zorg is. Het aangeven wat het niet is, is niet moeilijk, dat kan bijna iedereen. Maar vertellen wat het wel is wordt toch al een stuk moeilijker.

Als we het hebben over herstel dan is er een goede definitie (Anthony, 1993) die gevolgd wordt door een gestructureerde proces beschrijving (gebieden van herstel, fases van herstel). Bij herstelondersteunende zorg ligt dat blijkbaar toch wat ingewikkelder. Bij mijn zoektocht naar een definitie van HoZ kom ik niet verder dan een erg breed uitlegbaar: “Herstelondersteunende zorg is alle zorg die gericht is op het bevorderen van het herstelproces.” (Annemieke Hendriksen-Favier, 2012). Ik kan mij daar wel in vinden, maar dan kom ik op de vraag uit wie nou gaat bepalen welke zorg het herstelproces bevorderd. In het rapport van Annemiek Hendriksen-Favier wordt daar een mooi antwoord opgegeven:

“De cliënt en het eigen herstelproces zijn te allen tijde leidend. Dit maakt echter een proactieve houding bij professionals niet onmogelijk. Integendeel, hun rol hierbij is uitermate belangrijk. Door goed aan te sluiten bij de cliënt kunnen herstelprocessen niet alleen worden ondersteund, maar ook worden aangewakkerd. Dit kunnen hulpverleners doen door dicht bij cliënten te blijven, vertrouwen te geven en vooral door ruimte te scheppen. Hierbij zijn een luisterend oor en een helpende hand nodig, maar ook het onderkennen van noodsituaties waarin steunend kan worden opgetreden. In ieder geval is het van groot belang om voortdurend respect te tonen voor het herstelproces van cliënten: zij moeten zelf het voortouw nemen en houden of in staat worden gesteld om het voortouw weer in handen te krijgen. Binnen de ggz gaat herstelondersteuning om het vinden van het juiste evenwicht tussen behandeling en ondersteuning bij het herstel van identiteit (als persoon), gezondheid, dagelijks functioneren en maatschappelijk functioneren. Het gaat dan om de vermindering van symptomen, het innemen van rollen van betekenis, een bevredigend sociaal netwerk, (betaald) werk hebben etc. Het is van de cliënt zelf afhankelijk welk herstel voorop staat en welke volgorde in het herstelproces voor hem of haar belangrijk is. In elk geval dienen zoveel mogelijk relevante mensen en organisaties betrokken te zijn: lotgenoten, familie en vrienden, maatschappelijke instellingen, algemene gezondheidszorg en specialistische geestelijke gezondheidszorg.”

Volgens mijn mening klopt dit, de cliënt is altijd leidend. Het zorgteam moet samen met de cliënt het pad volgen, waarin de cliënt duidelijk de route bepaalt. Maar ook in deze duidelijke omschrijving zit weer wat onduidelijkheid (ja, klopt, ik kan erg kritisch zijn). Als ik kijk naar de zin “Hierbij zijn een luisterend oor en een helpende hand nodig, maar ook het onderkennen van noodsituaties waarin steunend kan worden opgetreden.” Schieten er direct twee vragen bij mij naar boven. Wie bepaald welke helpende hand er nodig is, en wie bepaald wanneer iets een noodsituatie is. Ik weet het wel, dat is de cliënt, maar wat als de mening van de cliënt en de hulpverlener hierin verschillen.

Uit eigen ervaring weet ik dat dit best wel eens tot nare situaties kan leiden, paniek en chaos. Zowel bij de cliënt als bij de hulpverlener. Ik heb ooit eens bij een hulpverlener de uitspraak gedaan dat ik het echt niet meer zag zitten en dat het wat mij betreft wel afgelopen mocht zijn. Ik zag de hulpverlener schrikken en merkte dat zij direct bezig ging om te bedenken wat zij moest doen, wie zij moest bellen. Nou was ik op dat moment al dusdanig ver in mijn herstel dat ik mij best goed kon verwoorden, dus ik heb haar ervan kunnen weerhouden om actie te ondernemen. Voor mij was dit geen noodsituatie, ik wilde alleen maar weergeven hoe mijn gedachten waren. Maar voor de hulpverlener was dit wel een noodsituatie. We hebben hier een goed gesprek over gehad, waarin zij aangaf dat zij inderdaad van plan was om het als crisis op te pakken en mij op te laten nemen. Als ik mij niet zo goed had kunnen verwoorden op dat moment, was ik dus gewoon weer opgenomen.

Het is als hulpverlener dus erg belangrijk om de cliënt goed te kennen, en dat kun je alleen maar voor elkaar krijgen als je voldoet aan de kenmerken van een goede hulpverlener. Deze kenmerken van herstelondersteunende zorg zijn door Dröes en Plooy (2010, gebaseerd op Boevink e.a., 2009) op papier gezet. Ik denk dat iedere hulpverlener ze kent als de presentiemethode.

ja, mijn hulpverlener is er voor mij en luistert naar wat ik zeg. Hij reageert erop, geeft zijn mening en laat mij in mijn waarde. Ik ervaar dat als erg prettig. Maar ja, als ik er tijdens een volgend gesprek op terugkom weet hij het niet meer.”

Bovenstaand citaat is van iemand die haar cliënt ervaringen met mij deelde over haar tijd in de GGZ. Blijkbaar heeft de betreffende hulpverlener een training gehad over de kenmerken voor een goede hulpverlener. Hij past het goed toe tijdens een contact, petje af. Maar deze hulpverlener had blijkbaar niet goed begrepen dat hij het ook op moest slaan, moest onthouden wat hij gehoord had. Voordeur uit, verstand resetten en op naar de volgende. Het voldoen aan de kenmerken geldt niet alleen tijdens de contacten, het is geen tijdelijke methodiek. Het is een manier van zorg verlenen op een ondersteunende manier, een manier die in je bloed moet gaan zitten, die normaal wordt.

Wat wil ik nou eigenlijk zeggen met dit artikel. Ik wil aangeven dat volgens mij herstelondersteunende zorg alleen maar bereikt kan worden door met elkaar in gesprek te gaan. En met elkaar bedoel ik dan cliënten, familie en vrienden, maatschappelijke instellingen, algemene gezondheidszorg en specialistische geestelijke gezondheidszorg.

Want het bieden van herstelondersteunende zorg kun je niet alleen, dat kun je alleen maar samen.

%d bloggers liken dit: